Gelezen door: André Oyen (3553 boeken)
J.R.R.Tolkien, begon in de jaren dertig van de vorig eeuw ooit aan een allitererend vers in Oudengels, waarin hij zijn versie wilde geven van de legende van koning Arthur en dan zeer specifiek het eind van de mythische vorst. Het oude Engelse metrum met zijn bijbehorende verstechniek is van een dermate grote complexiteit en vergt zoveel kennis van zaken, dat de hoogleraar tijd te kort kwam om al zijn ideeën uit te werken. En hier is dan ook waarschijnlijk de oorzaak te zoeken waarom Tolkien niet verder kwam dan vier hoofdstukken of canto's. De Hobbit kwam op de markt in 1937 en werd een succes. Een vervolg moest er komen, dat werd na veel zwoegen De Ring (1954-1955). Arthurs val bleef dus onderop de groeiende stapel manuscripten en aantekeningen liggen.
Tolkien (1892-1973) wees zijn zoon Christopher aan als literair testamentuitvoerder. Dat leidde tot een reeks postume uitgaven, waarvan De Silmarillion in 1977 de eerste en Arthurs val in 2013 de voorlopig - laatste is. In de jongste uitgave kiest Christopher gelukkig niet voor een taaie inleiding en een even moeilijk te verteren uiteenzetting over het ontstaan van de Arthurlegenden vanaf de vijfde eeuw na Christus. Hij publiceert het onaffe vers, geeft er korte noten bij om namen en woorden uit te leggen en becommentarieert zijn vaders erfenis in afzonderlijke hoofdstukken als 'het gedicht in de Arthurtraditieen de evolutie van het gedicht.
Arthurs val vertelt over koning Arthurs laatste veldtocht, waarvan hij moet terugkeren als Mordred hem heeft verraden. Arthur is de klap van Guineveres ontrouw met de nu verbannen Lancelot nooit te boven gekomen en moet al zijn kracht aanwenden om Mordreds huurlingen het hoofd te bieden. Christopher Tolkien plaatst het gedicht binnen de traditie van de Arthurlegenden, bespreekt de verbanden met De Silmarillion en analyseert de evolutie van het gedicht. Zoon Tolkien heeft uit J.R.R.’s losse papieren een zo volledig mogelijke versie van het gedicht samengesteld. Dank zij een puntgave vertaling van Renée Vink kan ook de Nederlandstalige lezer van dit gedicht genieten.
|
Reacties (0)Delen
|