Gelezen door: Dennis P. (770 boeken)
Citaat: "Kijk! [IJs]beren! Beren, net als bij ons! Denk je dat we hier mogen komen jagen?
—Waarom zou je op die beren jagen als ze niet eens kunnen ontsnappen? Kom, Minik. We gaan. Dit is geen plek voor ons.
(Minik en zijn vader in de zoo)"
Robert E. Peary doet in 1897 een expeditie op de Noordpool. Daar vonden ze de Inuït, Eskimo’s. Aangezien dit een rariteit is, besluiten ze deze stinkende specimens mee te nemen naar New York. Daar aangekomen, worden de Inuït, waaronder Minik en zijn vader, ontvangen als de nieuwe helden. Het zijn de Indianen van ’t Noorden! Al gauw krijgt de stam een griepaanval die weinigen overleven. Het aanpassingsvermogen van de jonge Minik werkt goed. Hij overleeft en wordt opgevoed bij de familie Peary. Maar, het spreekwoord luidt ook hier “je kan de tijger wel uit de jungle halen, maar de jungle niet uit de tijger”…
Straffe verhalen, die van de onderdrukking van het ene volk door het andere. Dit is niet anders. Loze beloftes die niet ingewilligd worden, uitbuiting en freakshows, zo vergaat het de arme Minik. Pijnlijk realistisch is hij neergezet, net als de Blanken trouwens. Het vormt een schrijnend relaas van onze soort. Bovendien worden ze vergezeld van frisse, krasserige tekeningen die toch rust én koude uitstralen. Ware het een film, het werd een blockbuster, denk ik.
|
Reacties (0)Delen
|