Gelezen door: André Oyen (3553 boeken)
Citaat: "Kom aan mijn borst kom aan mijn borst daar rust gij aan een lijf dat eenzaam is een bedden van uw eenzaamheid en eenzaam spelen uwe vingers langs het ontwarren van lange wier
Uit Loreley."
Paul van Ostaijen (1896-1928), zag dichtkunst vooral als een spel met woorden. Hij streefde dan ook naar een zo groot mogelijke harmonie tussen vorm en inhoud. Na de Eerste Wereldoorlog kwam hij in Berlijn in aanraking met het expressionisme en het dadaïsme; niet veel later publiceerde hij de bundel Bezette stad (1921). Nagelaten gedichten bevat de gedichten die nooit in een bundel zijn verschenen die door Van Ostaijen zelf verzorgd werd. Bekende – zoals ‘Marc groet ’s morgens de dingen’ – en minder bekende verzen zijn hier verzameld. Paul van Ostaijen (1896-1928) is een dichter voor alle generaties met een actueel blijvend werk. Hij was een wonderkind dat op jonge leeftijd debuteerde, jong stierf, en nog altijd wordt gelezen. Elk van zijn bundels kent een andere invalshoek; telkens wist hij zich te vernieuwen. Intussen is Van Ostaijen uitgegroeid boven zichzelf, hij is een mythe geworden, door zijn poëzie, zijn leven en zijn vroege, tragische dood. De bundel grotesken (bij Uitgeverij Voetnoot) doet bulderlachen, terwijl de swingende taal van Music hall in eindeloze vervoering brengt en een bijzondere tegenstelling vormt met de tergende taferelen uit onder meer Feesten van angst en pijn. De erkenning die van Ostaijens oeuvre nog steeds geniet, mag dus geen toeval heten: in middelbare scholen is de man nog steeds verplichte kost en de laatste jaren lieten verscheidene theatermensen zich inspireren door de poëzie van deze Antwerpse flamingant. De hernieuwde uitgave van zijn twee belangrijkste werken is zeker niet overbodig en Uitgeverij Athenaeum - Polak & Van Gennep besteedde veel zorg aan de bladspiegel en liet dichter Alfred Schaffer een nawoord optekenen waarin het genie van Ostaijen met enkele eenvoudige pijlers wordt toegelicht.
|
Reacties (0)Delen
|