Clubsandwich

Gelezen door: André Oyen (3553 boeken)

Citaat: "Uit Stamel de naam! van Helène Gelèns

snak naar adem
als naar de drager van de naam
hap naar adem,
probeer te happen naar adem,
je moet nog stamelen, hap! hap!"

Gerrit Komrij was de eerste Dichter des Vaderlands. Tussen 2000 en 2004 spande hij zich in om de Nederlandse poëzie daadwerkelijk te promoten. Een stuk van die promotie was de Sandwichreeks uit te geven. Twintig bundels verschenen er, waarvan tien van debutanten, negen van vergeten dichters uit het verleden en als sluitstuk één deeltje, Bombast en larie, met ‘de 25 afschuwelijkste gedichten uit de Nederlandse literatuur’.

Van Gennep heeft nu alle 20 delen nogmaals uitgebracht, gebundeld in twee banden, en Clubsandwich gedoopt. Philip Hoorne beet indertijd én nu de spits af in dit eerste deel met Niets met jou. Nummer twee in de reeks was Nu nog volop ventilatoren (2003) van Bas Belleman. Abdelkader Benali kon je niet direct een debutant noemen maar ook hij was present. Eenvoudig schedellichten (2004) van Erik Solvanger en Eternelle lust geen bollen (2005) van Danny Degenaar lieten toch duidelijk een andere wind waaien. Over Toendra (2006) van Willem Thies was een monument van donkere maar ook visuele poëzie dat bekroond werd met de C. Buddingh-prijs van 2006.

Voor mij persoonlijk waren er twee heel grote ontdekkingen in deze reeks namelijk Tumult (2008) van Maarten Inghels en Niet beginnen bij het hoofd (2006) van Helène Gelèns. Deze laatste schrijft vooral heel ritmische en klankpoëzie. Met John Schoorl en A Capella (2007) zitten we hemaal in de muzieksfeer. De gedichten doen denken aan popsongs met heel viriele teksten. De reeks werd afgesloten met Michiel van Rooij (Hoe hoog de maan, 2009). Men noemt zijn gedichten soms gezwollen of pompeus maar voor mij persoonlijk is het literair vuurwerk waarmee ook deze bundel feestelijk afgesloten wordt.
Clubsandwich is voor de poëzieliefhebber een ware schranspartij.

 | Reacties (0)Delen |
0 reacties: